Academic Skills 1.1
3 EC
Semester 1, periode 1, 2
51021ACB3Y
| Eigenaar | Bachelor Psychobiologie |
| Coördinator | dr. Jessika Buitenweg |
| Onderdeel van | Bachelor Psychobiologie, jaar 1 |
| Links | Zichtbare leerlijnen |
Bij Academische Basisvaardigheden (ABV) leer je wetenschappelijke artikelen lezen en schrijven en werk je aan de ontwikkeling van een academische houding. Om wetenschappelijke artikelen te kunnen lezen en schrijven leer je hoe een wetenschappelijke tekst is opgebouwd en hoe dit samenhangt met de empirische cyclus. Ook oefen je met het mondeling presenteren van wetenschappelijk onderzoek. Daarnaast werk je aan het ontwikkelen van een academische houding: een nieuwsgierige, kritische, reflectieve, zorgvuldige en gedisciplineerde houding. Het programma van Academische basisvaardigheden (ABV) is verdeeld over twee op elkaar volgende vakken van elk 3 EC (ABV 1.1 en ABV 1.2). Deze studiewijzer is van toepassing op het eerste vak: ABV 1.1.
Er is bij ABV 1.1 één toets over de structuur van een wetenschappelijk artikel, één eindopdracht die is gericht op schrijfvaardigheid, en één opdracht die gericht is op presentatievaardigheid. Daarnaast wordt er aandacht besteed aan feedback geven en ontvangen en zelfreflectie. Elke vaardigheid zal stap voor stap geïntroduceerd worden. De vaardigheden uit elke opdracht worden meegenomen naar de daaropvolgende opdracht. Aan het einde van ABV 1.1 en 1.2, aan het einde van het jaar, ben je in staat een verslag te schrijven dat voldoet aan alle basisprincipes van wetenschappelijke verslaglegging. Deze vaardigheden gebruik je in de latere jaren van je opleiding, bijvoorbeeld bij Experimentatie jaar 2, de Review jaar 2 Pb en het Bachelorproject.
Academische Vaardigheden voor Interdisciplinaire Studies. Vierde, herziene druk
Critical Thinking miniguide
Diverse artikelen en handouts die binnen het vak verstrekt worden.
In de meeste weken is er een werkgroep of ander contactmoment van ABV. Je groep bestaat uit ongeveer 20 studenten. Bij ABV 1.1 zit je het hele semester in dezelfde groep met dezelfde docent.
De werkgroepen duren 2 uur en tijdens de werkgroepen worden voorbereidende opdrachten besproken, nieuwe opdrachten uitgelegd en vaardigheden geoefend. Opdrachten worden soms plenair besproken, maar er wordt ook in groepjes en in duo’s gewerkt.
Naast de 2 uur in de werkgroep ben je gemiddeld per week 4 uur bezig met voorbereiding van de werkgroep. In deze tijd schrijf je verslagen, maak je opdrachten en presentaties of bereid je kritische vragen voor.
Actieve deelname
Deelname aan de werkgroepen vereist een actieve en academische werkhouding. Tijdens dit vak word je uitgedaagd om kritisch na te denken en een mening te vormen over onderwerpen die besproken worden. Deze belangrijke vaardigheid oefen je vanaf het begin door kritische vragen aan elkaar te stellen, feedback aan elkaar te geven, meningen te formuleren en op te schrijven, en met elkaar te discussiëren over wetenschappelijke onderwerpen. Er wordt verwacht dat je hier actief aan deelneemt. Daarnaast werk je veel samen in groepen. Er wordt verwacht dat je het werken in groepsverband gebruikt om elkaar te helpen en elkaar aan te vullen, o.a. door elkaar op een constructieve manier feedback te geven. Je leerproces wordt aangevuld en verrijkt door het werk van anderen kritisch te bekijken, van constructieve feedback te voorzien en hulp te vragen bij moeilijke onderdelen. Actieve deelname zorgt ervoor dat de leerdoelen behaald kunnen worden en maakt het noodzakelijk verplicht aanwezig te zijn bij de werkgroepen.
|
Activiteit |
Aantal uur |
|
Werkcollege |
4 |
|
Werkgroep |
22 |
|
Zelfstudie |
58 |
Aanvullende eisen voor dit vak:
Mocht je wegens persoonlijke omstandigheden (denk hierbij aan ziekte of bijzondere familieomstandigheden) niet kunnen deelnemen aan een verplichte onderwijsbijeenkomst, neem dan direct per e-mail contact op met je docent via de gecommuniceerde e-mailadressen. Er wordt dan met je besproken of er mogelijkheden zijn om het onderwijs op een andere wijze te volgen, en zo ja welke.
Ben je langdurig niet in staat om onderwijs te volgen (langer dan 1 week), neem dan ook contact op met de vakcoördinator en de studieadviseur.
Aanwezigheid bij de werkgroepen is dus verplicht. Per semester mag je maximaal twee bijeenkomsten missen, ongeacht de reden. Voor het niet op tijd aanwezig zijn kan je deelname aan de werkgroep worden ontzegd. Bij verzuim van meer dan twee werkgroepen wordt jouw eindcijfer van ABV 1.1 per extra afwezige werkgroep verminderd met 0,5 punt.
Bij afwezigheid dien je nog steeds aan de deadlines voor het inleveren van opdrachten te voldoen. Ook moet je de voorbereidende opdrachten voor de volgende werkgroep maken. Je bent er zelf verantwoordelijk voor dat je de informatie die je hebt gemist verkrijgt via Canvas, je docent en/of je medestudenten.
| Onderdeel en weging | Details |
|
Eindcijfer | |
|
20% Academische Houding | NAP bij geen cijfer |
|
50% Literatuurverslag - eindversie | Moet ≥ 5.5 zijn |
|
30% Structuuranalyse | NAP bij geen cijfer |
|
Presentatie | Moet ≥ AVV zijn |
De voorbereidende opdrachten voor de volgende werkgroep worden uiterlijk vanaf de voorgaande werkgroep digitaal via Canvas aangeboden. De werkgroepopdrachten worden ook digitaal via Canvas aangeboden.
Schrijfopdrachten en presentaties waarop je feedback of een cijfer krijgt, moet je op tijd inleveren op Canvas. Aanvullende inlevereisen per opdracht worden gecommuniceerd via de omschrijvingen van de opdracht op Canvas. Afwezigheid in de werkgroep is in principe geen reden tot uitstel van de deadline. Als je een deadline niet haalt, krijg je geen feedback en/of cijfer.
Beoordeling
De beoordeling van dit vak is gebaseerd op een toets (SA), een eindopdracht (LV) en jouw academische houding (AH). Het SA telt voor 30% mee, het LV voor 50% en de AH voor 20%. Je bent geslaagd voor ABV 1.1 als het gezamenlijke cijfer binnen één jaar minimaal een 5.5 is, als je een presentatie (NF) hebt gegeven en je niet teveel aftrek hebt gekregen vanwege afwezigheid. Een onvoldoende voor de structuuranalyse (SA) kun je compenseren met het literatuurverslag (LV) indien het gewogen gemiddelde van deze twee opdrachten minimaal een 5,5 is. Een onvoldoende voor het literatuurverslag kan niet gecompenseerd worden.
Inhaalweek
Aan het einde van het eerste semester is er een inhaalweek. In deze week kun je onvoldoendes omzetten in een voldoende (SA en LV) of een opdracht inhalen (NF). Er kan in een inhaalweek voor opdrachten maximaal een 6 behaald worden. Verdere informatie over deze herkansmogelijkheden zal binnen het vak gecommuniceerd worden.
ABV 1.1 niet behaald, wat nu?
Als je in het eerste semester niet aan de eisen van ABV 1.1 hebt voldaan, kun je niet deelnemen aan ABV 1.2 en zal je ABV 1.1 volgend jaar opnieuw moeten volgen. Dit betekent dat je in jaar 2 niet kunt deelnemen aan Experimentatie jaar 2 en de Review jaar 2 PB, en je dus een jaar studievertraging oploopt.
Bijzondere omstandigheden
Je kunt dit vak alleen behalen als je aan alle samenstellende voorwaarden (o.a. aanwezigheidsplicht, verplichte opdrachten etc.) hebt voldaan. Als je om aantoonbare zwaarwegende redenen niet aan alle samenstellende onderdelen kunt voldoen, dien je je zo spoedig mogelijk te melden bij de studieadviseur. In geval van aantoonbaar zwaarwegende omstandigheden wordt er dan in samenspraak met je docent gekeken of er een andere oplossing mogelijk is.
Afronden van cijfers
Let op: volgens de Onderwijs- en Examenregeling (OER) van de FNWI (artikel 3.6 van deel A) wordt een 5,5 niet gegeven als eindcijfer voor een vak. Een onafgerond cijfer vanaf 5,5 tot 6,25 wordt afgerond tot een 6,0. Onafgeronde cijfers vanaf 4,75 tot 5,5 worden afgerond naar een 5,0 (zie OER deel A voor een verdere toelichting). Cijfers groter of gelijk aan een 5,5 gelden als een voldoende.
Om een inzagemoment aan te vragen, kun je contact opnemen met je begeleider.
De docent van ABV kan altijd toelichting geven op de beoordeling van de opdrachten.
Binnen de werkgroep word je getoetst op je kennis van de structuur van een wetenschappelijk artikel, waarmee je ook je eigen verslagen opbouwt. Voorbereiding op deze toets zijn het boek, de kennisclips, het werkcollege in week 2 en het artikel dat je in werkgroep 3 krijgt.
Je beantwoordt een centrale vraagstelling, opgesplitst in deelvragen, met behulp van verschillende onderzoeksresultaten die beschreven worden in drie uitgereikte wetenschappelijke artikelen. Deze opdracht is individueel.
Je krijgt middels een Rubric feedback op je academische werkhouding. De punten hiervoor tellen mee voor je eindcijfer. Er wordt bijvoorbeeld gekeken naar samenwerking, het houden aan deadlines, kritische vragen stellen en professioneel feedback geven en ontvangen.
Je houdt met een studiegenoot een presentatie over een wetenschappelijk artikel. Hierbij ligt de nadruk op kritisch denken en presentatievaardigheden.
De opdrachten die worden nagekeken door je docent, lever je in op Canvas. Hierbij gaat het om tussen –en eindversies van de (eind)opdrachten, en een aantal opdrachten over de academische houding, die de basis vormen voor verdere reflectie en feedback. Er wordt van je verwacht dat je ingeleverde werk compleet en verzorgd is. Om dit te faciliteren staan op Canvas digitale formats voor alle eindversies en tussenversies.
Tijdens ABV1.1 heb je samen met je mentor een leerstrategiegesprek. Dit gesprek is verplicht en het doel hiervan is dat je leert reflecteren op je eigen manier van studeren. Met je mentor bespreek je eventuele knelpunten en krijg je waar nodig handvatten voor je studievaardigheden.
De Zichtbare LeerlijnenTool geeft een overzicht van de leerlijnen binnen de opleiding en hoe deze samenhangen en is een tool die je kunt gebruiken voor deze opdracht (zie datanose - zichtbare leerlijnen)
Bij iedere opdracht wordt er één of twee keer door rubrics feedback gegeven door je docent of medestudenten. Het doel van de feedback is om informatie te bieden over wat er goed is aan de opdracht en over wat er nog verbeterd kan worden. Daarnaast geeft het informatie over welke vaardigheden je al beheerst en aan welke vaardigheden je in de volgende opdracht nog moet werken.
Dit vak hanteert de algemene 'Fraude- en plagiaatregeling' van de UvA. Hier wordt nauwkeurig op gecontroleerd. Bij verdenking van fraude of plagiaat wordt de examencommissie van de opleiding ingeschakeld. Zie de Fraude- en plagiaatregeling van de UvA: http://student.uva.nl
Het programma van Academische Basisvaardigheden (ABV) omvat 6 EC, verdeeld over twee vakken van elk 3 EC (ABV 1.1 en ABV 1.2). Doorgaans is er elke onderwijsweek (met uitzondering van tentamenweken) een werkgroep of werkcollege van 2 uur. Daarnaast wordt er uitgegaan van (gemiddeld) 4 uur zelfstudie en voorbereiding per week. De zelfstudie bestaat uit het maken van tussen‐ en eindopdrachten, voorbereiden van presentaties, zelfstandig zoeken naar literatuur, etc. De data van de werkgroepen en een overzicht van alle deadlines kun je vinden op de homepagina van ABV op Canvas. Het rooster van ABV vind je op rooster.uva.nl of in de Mijn UvA app.
Via de Zichtbare Leerlijnen Creator kun je zien aan welke eindtermen de leerdoelen van deze cursus bijdragen en hoe de vakleerdoelen, leerlijndoelen en eindtermen van de opleiding aan elkaar gekoppeld zijn:
https://datanose.nl/#program[BSc%20PB]/outcomes
https://datanose.nl/#program[BSc%20PB]/trajectories
Academische Basisvaardigheden 1.1 moet behaald zijn om het reguliere programma van Academische Basisvaardigheden 1.2 te kunnen volgen.
Jaarlijks passen wij het onderwijs aan a.d.h.v studentevaluaties. Zo hebben we bijvoorbeeld sommige opdrachten kleiner gemaakt en kijken we jaarlijks kritisch naar beoordeling en deadlines. Ook hebben we onlangs alle fonts van opdrachten en slides veranderd zodat studenten met dyslexie hier geen problemen mee ondervinden.